Buiten gaan kinderen op ontdekking. Ze rennen, klimmen en voelen van alles. In een speelse omgeving worden ze uitgedaagd en oefenen ze op de grens van wat ze al durven. Een schaafwond of blauwe plek komt daar soms bij kijken. Van proberen kun je leren.
Thema Bewegen
Risicovol spelen
Hoe ondersteun je bij risicovol spelen?
1. Op eigen tempo
Dwing je kind niet om iets te doen dat spannend voelt. Zet je kind bijvoorbeeld niet opeens boven op een glijbaan. Laat hem zelf kiezen hoe hoog of hoe snel hij wil gaan. Jij bent de veilige basis. Blijf in de buurt. Moedig je kind aan. Troost als het bang is of zich pijn doet.
2. Geen superheld spelen
Ziet je baby iets interessants en is het niet gevaarlijk? Laat hem het zelf proberen, ook al vind jij dat een beetje spannend. Doe alleen wat écht nodig is. Neem niets over wat je kind zelf kan. Grijp alleen in als er écht gevaar is.
3. Let op hoe vaak je “pas op” zegt
Als je te vaak “pas op” zegt, luistert je kind er minder naar. Wil je waarschuwen? Zeg dan duidelijk wat het gevaar is. Bijvoorbeeld:
- “Voel eens… de rand van de tafel is scherp.”
- “Kijk, dat is glad.”
Zo leert je kind begrijpen wáárom iets gevaarlijk kan zijn.